Wat de HSV studiebijbel ons vertelt over de boeken van de bijbel

• • •

5 June 2026

De Nederlandse Geloofsbelijdenis leert ons dat er boeken zijn die wel gelezen mogen worden maar niet tot de Heilige Schrift behoren, dit kun je nalezen in artikel 6. Protestanten noemen deze boeken ‘apocriefe’ boeken, oftewel ‘verborgen’. De Katholieken noemen deze boeken ‘deuterokanoniek’, oftewel ‘in tweede instantie aan de canon toegevoegd’. 

In dit artikel verkennen we wat de HSV studiebijbel ons vertelt over deze apocriefe boeken en dat ze, naar mijn mening, sterk bewijs levert dat de apocriefen Heilige Schrift zijn. Het is wel even een puzzel, ik hoop dat het jouw ‘heilige’ nieuwsgierigheid zal wekken en het je minimaal zal interesseren voor dit ondewerp!

De vroege kerk

Laten we beginnen bij het begin: de vroege Kerk. Als we spreken over de vroege kerk dan bedoelen we de apostelen, hun opvolgers en de eerste christenen. We lezen in het Nieuwe Testament (NT) dat de apostelen al snel vanuit Jeruzalem richting Europa vertrokken: Griekenland, Rome, Spanje. Net als vandaag de dag spraken de volken van Europa in die tijd geen Hebreeuws, de taal van de Joden. De taal van die tijd was het Grieks, vergelijkbaar met hoe vandaag de dag de Engelse taal de wereldtaal is. Grieks was de taal van de handel, de straat en de politiek. Omdat de vroege christenen hun boodschap zo snel en breed mogelijk willen verspreiden onder zoveel mogelijk verschillende volken, was het logisch om hun brieven en verhalen in deze wereldtaal te schrijven – het Grieks. De oorspronkelijke documenten die wij hebben van het NT zijn dan ook in het Grieks.

Overigens was de taal die Jezus sprak niet Hebreeuws maar Aramees, het dialect van zijn omgeving – Galilea. Dat zie je soms terug in het Nieuwe Testament, waar de Griekse tekst oorspronkelijke Aramese woorden van Jezus citeert. De meeste lezers zijn ongetwijfeld bekend met de volgende woorden:

En wat doen de eerste christenen? Zij verkondingen Jezus Christus aan de wereld. Wie is Jezus? Een Joodse man waar volgens de Joden meer dan 300 voorspellingen over staan in hun boek, de Tenach. Wat wij kennen als het Oude Testament: de wet, de profeten en de geschriften.

Stel iemand uit China wil jou overtuigen over Confucius en hij geeft je een boek in het Oudchinees. Je snapt er niks van. Zo zou het ook gegaan zijn als de apostelen met de Hebreeuwse bijbel onder de arm naar Europa waren gegaan – dat deden ze dan ook niet. Er is hier iets bijzonders aan de hand, de Septuaginta, het Oude Testament, met 7 boeken ‘extra’ in het Grieks plus een aantal hoofdstukken zoals in het boek Daniël. Deze bijbel wordt door theologen en taalwetenschappers de “LXX” genoemd.

Septuaginta (LXX)

Volgens de overlevering werden in ca. 300 voor Christus de Joodse geschriften vertaald naar het Grieks voor de Joodse gemeenschap in Alexandrië, Egypte. De meeste Joden in de diaspora (buiten Israël, zoals in Alexandrië) spraken geen Hebreeuws meer, maar zij spraken Grieks (Koinè-Grieks). Zonder deze vertaling hadden zij hun eigen heilige boeken niet meer kunnen lezen.

Septuagint betekent 70, oftwel Romeins voor L (50) en tweemaal X (10) = LXX (70). De opdrachtgever voor deze vertaling was koning Ptolemaeus II Philadelphus, de Griekse heerser over Egypte. Volgens een oude bron (de Brief van Aristeas) wilde de koning de beroemde bibliotheek van Alexandrië vullen met alle wijsheid ter wereld. Hij vroeg de hogepriester in Jeruzalem om vertalers. Er werden 72 Joodse geleerden (6 uit elke van de 12 stammen van Israël) naar Alexandrië gestuurd. Het verhaal gaat dat zij onafhankelijk van elkaar in 72 dagen exact dezelfde Griekse vertaling produceerden. Dit ‘wonder’ moest bewijzen dat de vertaling door God was geïnspireerd. De naam werd later afgerond naar 70 (Septuaginta). De boeken die de Septuaginta bevat die protestanten ‘apocrief’ noemen zijn: Tobias, Judith, Wijsheid, Jezus Sirach, Baruch, toevoegingen bij Esther, het gebed van de drie mannen in het vuur, de geschiedenis van Susanna, van het beeld van Bel en de draak, het gebed van Manasse, en 1 en 2 Makkabeeën.

Wat zegt de HSV over de Septuaginta?

Een aantal bijzondere feiten die we lezen in de HSV over de LXX (de afbeeldingen komen uit de HSV studiebijbel) –  dit is te vinden achterin het boek rond pagina 2380 (ik adviseer de lezer om gehele hoofdstukken te lezen, voor leesbaarheid heb ik losse elementen overgenomen).

De LXX is:

1.  Gezaghebbend. De LXX1 beschouwde men in de vroege kerk als de gezaghebbende tekst van de Heilige Schrift, samen met de Griekse geschriften van het NT”:

2. Vroegste versie van het OT2:

3. Bron van oudtestamentische citaten in het NT:

Wat lezen we verder:

De apostelen citeerden vaak uit de LXX, en de LXX beïnvloedde het taalgebruik van de apostelen, 

En, de LXX werd door christenen als standaard Bijbel gebruikt:

We lezen verder dat “de LXX werd algauw populair onder de Joden in de diaspora voor wie het Grieks een vertrouwde taal was. Toen de christelijke gemeente zich tot buiten de Joodse grenzen uitbreidde, gebruikte zij de LXX (met kleine wijzigingen en in het besef dat het een vertaling was) als hun standaard Bijbel. 

Samengevat, twee belangrijke lessen

Wat hebben we geleerd vanuit de HSV studiebijbel? Twee belangrijke lessen:

  1. De bijbel was de LXX – Stel, jij bent een van de apostelen in Handelingen en Jezus stuurt je op je grote missie de wereld in. Nu ga je met de Heilige Geest de hele Romeinse wereld in: je gaat naar Griekenland, Italië, Spanje, Frankrijk, Noord Afrika. En wat krijg je mee? Je hebt de Septuaginta bij je, dat is: het hele OT + de zeven Deuterokanonieke boeken in het GRIEKS. En. Dus elke discussie kun je overal in het Romeinse rijk voeren met de Griekse Bijbel in je hand. En geen Jood kan je met discussiëren over de inhoud zelf, daar komen we later op terug, want de Septuaginta is geschreven en afgerond vóór de komst van Jezus Christus.
  2. De Vroege Kerk gebruikt de LXX als haar standaard bijbel, als haar Heilige Schrift. Stel je voor, jij gaat terug in de tijd, een jaartje of 1800 en je bent op vakantie in Thessaloniki, je bezoekt een van de vroege kerken –  dan is het goed mogelijk dat je een lezing hoort over Judas de Makkabeër3 in zijn strijd tegen koning Antiochus, of over Suzanne, een mooie vrouw die vals beschuldigd wordt en door Daniël gered of de avonturen van Tobias met zijn hond en de engel Rafaël.

In de HSV lees je “Alle boeken van de protestantse Bijbel staan ook in de katholieke, maar de katholieke bevat nog enkele boeken extra (o.a. Tobit, Judit)“.

Mij valt dit woordje ‘extra’ op; de suggestie wordt gewekt dat de katholieke bijbel aanvullende boeken bevat, toevoegingen. Wat je hierboven denk ik gezien hebt is dat deze boeken al onderdeel van de Heilige Schrift uitmaakten in de tijd van de apostelen en de vroege kerk. We lezen door: “..Deze extra boeken en toevoegingen worden de ‘apocriefen’ genoemd en hebben alle betrekking op het OT” (Zie HSV – De apocriefen, p. 2367-2370). Het zou het klinken als verwoord was ‘de protestantse Bijbel bevat minder boeken dan de katholieke bijbel van de apostelen en de vroege kerk’?.

 

Zoals mijn moeder altijd zegt ‘wat is waarheid en wat is de halve waarheid’. In mijn zoektocht door de HSV naar ‘De Waarheid’ zullen we een aantal momenten tegenkomen waarin je je af kunt vragen met Pilatus “Wat is waarheid?“.

Persoonlijk ontkwam ik er niet aan om voor mezelf af te vragen: ‘lezen we in onze protestantse kerk misschien een andere bijbel dan de vroege kerk? Dat is niet zomaar iets, de Schrift leert ons:

“Elk door God geïnspireerd geschrift dient ook om te onderrichten in de waarheid en de dwalingen te weerleggen, om de zeden te verbeteren en de mensen op te voeden tot een rechtschapen leven,
zodat de man Gods voor zijn taak berekend is en toegerust voor elk goed werk” – 2 Timoteüs 3:16-17

 

“Ik getuig tegenover iedereen die de profetie van dit boek hoort: als iemand er iets aan toevoegt, zal God hem de plagen toebrengen die in dit boek beschreven staan; en als iemand iets afneemt van wat in het boek van deze profetie staat, zal God hem zijn deel afnemen van de levensboom en van de heilige stad, zoals die in dit boek beschreven staan.” – Openbaring 22:18-19

In een volgende post gaan we kijken wat (1) de Joden van die Christenen met ‘hun’ LXX vonden, (2) wat andere apostolische kerken deden (dat wil kerken, kerken die opgericht zijn door één van de apostelen) en (3) wat de HSV ons vertelt over “concilies”2 en de “vaststelling van de Canon” (de boeken van de Schrift).

Voetnoten:

  1. Uit de HSV: “De Bijbel is oorspronkelijk geschreven in het Hebreeuws, Aramees en Grieks. In de 3e eeuw v.Chr. begon men met de vertaling van het or in het Grieks, die in de ze of ie eeuw v.Chr. haar uiteindelijke beslag kreeg in wat wij tegenwoordig de Septuagint of de LXX noemen. Deze Griekse bijbelvertaling voorzag in een behoefte, omdat veel Joden in de diaspora van het Hebreeuws en het Aramees waren vervreemd en vooral (Koinè-) Grieks spraken, de lingua franca in het opkomende Romeinse Rijk. Bovendien werden de Joodse heilige boeken met de LXX toegankelijk gemaakt voor een veel breder publiek. En ten slotte was het ook deze Griekse vertaling van het OT die men in de Vroege Kerk beschouwde als de gezaghebbende tekst van de Heilige Schrift, samen met de Griekse geschriften van het NT.”
  2. HSV: “De LXX is een uiterst vroege versie van het OT. Het oudste in ons bezit zijnde volledige handschrift van het Hebreeuwse or dateert van 1000 n.Chr., en zelfs de fragmenten van het OT in de Dode Zeerollen dateren van ca. 200 v.Chr. tot 68 n.Chr. Maar de LXX-vertaling van de Pentateuch werd geschreven in de se eeuw v.Chr.”
  3. Het NT vermeld dat Jezus dit feest vierde, “En het was het feest van de tempelwijding in Jeruzalem, en het was winter. En Jezus wandelde in de tempel, in de zuilengang van Salomo.” — Johannes 10:22-23
  4. Een concilie is een bijeenkomst de gehele kerk om een probleem, uitdaging of theologische vraag op te lossen. een belangrijk kenmerk van de Vroege Kerk is dat ze één is. Één betekent dat er gezamenlijke belangrijke beslissingen worden genomen. Je kent misschien de geloofsbelijdenis van Nicea, officieel heet die overiges de geloofsbelijdenis van Nicea (325 na Christus) en Constantinopel (381 na Christus).
· · ·

Laat een reactie achter

Your email address will not be published. Required fields are marked *